Alpine draagt een rijke Formule 1-geschiedenis met zich mee, met wereldtitels van Fernando Alonso in het Renault-tijdperk en Michael Schumacher in het Benetton-tijdperk en overwinningen onder verschillende teamnamen. Toch zoekt de Franse renstal al jaren naar een weg terug naar de top.

Van Renault naar Alpine

Hoewel Alpine pas sinds 2021 onder die naam in de Formule 1 actief is, gaat de geschiedenis van het team veel verder terug. De wortels liggen bij Renault, dat in 1977 als fabrieksteam zijn debuut maakte in de koningsklasse van de autosport. De Franse fabrikant speelde bovendien een belangrijke rol in de ontwikkeling van de turbomotor. Met de RS01 introduceerde Renault een turbo-aangedreven Formule 1-auto, een techniek die aanvankelijk met scepsis werd ontvangen, maar later niet meer weg te denken was uit de sport.

(Tekst loopt door onder afbeelding)

De Renault RS01 was de eerste auto van de Franse renstal (Getty Images)

Renault bouwde in de jaren daarna een reputatie op als motorleverancier én als zelfstandig team. Vooral in de jaren negentig boekte het merk grote successen met Williams en Benetton. Renault-motoren hielpen coureurs als Nigel Mansell, Alain Prost, Damon Hill en Michael Schumacher aan wereldtitels. Het team uit Enstone, waar Alpine nog altijd gevestigd is, vormde daarbij de basis voor meerdere kampioenschappen.

De grootste successen als fabrieksteam volgden in 2005 en 2006. Met Fernando Alonso achter het stuur veroverde Renault twee opeenvolgende wereldtitels bij zowel de coureurs als de constructeurs. De Spanjaard doorbrak daarmee de dominantie van Michael Schumacher en Ferrari. Renault bewees dat het niet alleen als motorleverancier, maar ook als zelfstandig team tot de absolute top kon behoren.

(Tekst loopt door onder afbeelding)

Fernando Alonso won twee wereldtitels met Renault in 2005 en 2006 (Getty Images)

Na het seizoen 2011 verdween de naam Renault als teamnaam tijdelijk uit de Formule 1. De renstal ging verder als Lotus, maar Renault bleef betrokken bij de sport als motorleverancier. Eind 2015 nam de Franse fabrikant het team opnieuw over, waarna Renault in 2016 terugkeerde als fabrieksteam. De ambitie was duidelijk: de weg naar de wereldtop opnieuw inslaan.

Een nieuwe identiteit met Alpine

In 2021 besloot Renault de Formule 1-activiteiten onder de naam Alpine voort te zetten. Daarmee wilde het concern zijn sportwagenmerk meer bekendheid geven en een herkenbare identiteit creëren binnen de autosport. De kenmerkende gele kleur maakte plaats voor een nieuwe uitstraling, terwijl de technische basis in Enstone bleef.

De naamsverandering betekende niet dat de verwachtingen lager kwamen te liggen. Integendeel: Alpine wilde op termijn opnieuw meestrijden om overwinningen en kampioenschappen. Het team beschikte over een mix van ervaring en talent, met onder anderen Alonso en Esteban Ocon.

De eerste overwinning onder de nieuwe naam liet niet lang op zich wachten. Tijdens de GP van Hongarije in 2021 profiteerde Ocon van de chaotische openingsfase en hield hij Lewis Hamilton achter zich. Alonso speelde daarbij een belangrijke rol door Hamilton lange tijd op te houden. Het leverde Alpine een onverwachte, maar verdiende zege op. Voor Ocon was het zijn eerste en tot nu toe enige overwinning in de Formule 1.

(Tekst loopt door onder afbeelding)

Esteban Ocon wint zijn eerste race met Alpine in Hongarije in 2021 (Getty Images)

In 2022 eindigde Alpine als vierde in het constructeurskampioenschap, het beste resultaat onder de nieuwe teamnaam. Toch bleef de aansluiting met de topteams uit. Bovendien vertrok Alonso na dat seizoen naar Aston Martin, waardoor Alpine opnieuw op zoek moest naar een stabiele basis voor de toekomst.

Wisselende resultaten en onrust aan de top

De seizoenen daarna werden gekenmerkt door wisselvalligheid en veranderingen binnen de organisatie. In 2023 eindigde Alpine als zesde bij de constructeurs. Ocon en de nieuw aangetrokken Pierre Gasly wisten allebei een podiumplaats te behalen, maar structureel meedoen om de voorste posities bleek lastig.

Gasly en Ocon vormden bovendien een volledig Franse rijdersbezetting, maar hun onderlinge relatie stond regelmatig in de schijnwerpers. De twee kenden elkaar al uit hun jeugd in de kartsport, maar waren niet altijd de beste vrienden. Tegelijkertijd probeerde Alpine de technische achterstand op de concurrentie te verkleinen.

Een opvallend moment volgde tijdens de GP van São Paulo in 2024. In de regenachtige race eindigden Ocon en Gasly verrassend als tweede en derde. Het dubbele podium was een belangrijke opsteker in een seizoen waarin Alpine geregeld moeite had om punten te scoren.

(Tekst loopt door onder afbeelding)

Gasly en Ocon samen op het podium na de GP van São Paulo in 2024 (Getty Images)

Toch bleef de vooruitgang beperkt. Ook binnen de leiding veranderde er veel. Verschillende teambazen kwamen en gingen, terwijl Flavio Briatore in 2024 terugkeerde in een adviserende rol. De Italiaan had eerder al een belangrijke rol gespeeld tijdens de succesvolle Benetton- en Renault-periodes. Na het vertrek van Oliver Oakes in 2025 nam Briatore meer verantwoordelijkheid op zich. Steve Nielsen werd later aangesteld als managing director om de dagelijkse leiding te ondersteunen.

Een moeilijk 2025 leidt tot een ingrijpende keuze

Het seizoen 2025 werd een dieptepunt voor Alpine. De auto was onvoldoende competitief en het team eindigde als laatste in het constructeurskampioenschap. Gasly was verantwoordelijk voor alle 22 punten van de renstal. Voor een team met de historie en middelen van Renault was dat een teleurstellend resultaat.

Alpine besloot daarom een belangrijke strategische keuze te maken. Het team beëindigde zijn eigen motorproject voor de Formule 1 en stapte voor 2026 over op krachtbronnen van Mercedes. Daarmee kwam een einde aan de periode waarin Renault als motorfabrikant zijn eigen fabrieksteam aandreef.

Gasly en Colapinto moeten Alpine vooruithelpen

Voor 2026 vertrouwt Alpine op Pierre Gasly en Franco Colapinto. Gasly is inmiddels de ervaren kracht binnen het team. De Fransman won eerder de GP van Italië in 2020 met AlphaTauri en heeft laten zien dat hij in de juiste omstandigheden voor grote resultaten kan zorgen. Sinds zijn komst naar Alpine is hij steeds meer uitgegroeid tot het gezicht van de renstal.

Naast hem rijdt Colapinto, die in 2024 indruk maakte met Williams en in 2025 bij Alpine de kans kreeg om zich te bewijzen. De Argentijn moest zich aanpassen aan een nieuwe omgeving en kende een teleurstellend seizoen. Toch besloot Alpine hem ook in 2026 te behouden. In augustus 2026 bevestigde het team bovendien dat Colapinto ook in 2027 naast Gasly zal rijden.

(Tekst loopt door onder afbeelding)

In 2026 en 2027 beschikt Alpine over Gasly en Colapinto als coureurs (Getty Images)

Statistieken Alpine

Volledige naamBWT Alpine Formula One Team
TeambaasFlavio Briatore
Coureurs 2026Pierre Gasly, Franco Colapinto
Technisch directeurDavid Sanchez
BasisEnstone, Oxfordshire, Verenigd Koninkrijk
Debuutseizoen1977
Constructeurstitels2 (2005, 2006)
Coureurstitels2 (2005, 2006)
Eindklassering 202510de (22 punten)
Chassis 2026A526
Motor Mercedes
TestcoureursPaul Aron, Kush Maini