Romain Grosjean kijkt, zeker nu de kans reëel is dat hij zijn zitje bij Haas kwijtraakt, met veel interesse naar Peugeots aanstaande hypercarproject in het World Endurance Championship. “We zullen zeker contact hebben met elkaar”, verwacht hij.
Het is, zeker voor een voormalig bankmedewerker als Grosjean, geen lastige rekensom: “Er zijn niet veel Formule 1-stoeltjes vrij voor 2021”, erkent hij. En eigenlijk is er maar één waar Grosjean echt aanspraak op kan maken: zijn huidige plekje bij Haas. Maar het valt te betwijfelen of hij er echt op mag rekenen, zeker na de recente uitspraken van teambaas Günther Steiner, die iemand wil die toekomstbestendig is en waar Haas enkele jaren op kan bouwen. Grosjean is immers al 34 – en lijkt redelijk door zijn krediet heen bij Haas, of in elk geval bij diezelfde Steiner. Lees ook: Steiner lijkt klaar met het gezeur van Grosjean: ‘Wordt na verloop van tijd gewoon saai’ Geen wonder dus dat de onder de Franse vlag rijdende Franco-Suisse – Grosjeans vader is Zwitser en zijn moeder is Frans, terwijl hijzelf in Zwitserland geboren en getogen is – al met een schuin oog kijkt naar zijn mogelijkheden in andere klassen. “Ik kijk naar wat daar mogelijk interessant is”, zegt de coureur die eerder een oogje heeft laten vallen op de elektrische Formule E, maar ook een toekomst in de langeafstandsracerij dus niet uitsluit.
Grosjean deed in 2010 met een Ford GT mee aan Le Mans.
