“Zolang je mathematisch nog een kans hebt, blijf je er vol voor gaan. Want de wereldtitel is het enige dat telt”Denk aan vorig jaar op Monza, toen de tifosi overal langs het circuit scandeerden: “Pak de wereldtitel! Word wereldkampioen!” Wereldkampioen, de best van de wereld zijn, niet af en toe een raceje winnen maar echt boven de rest, boven de hele wereld uitsteken, daar smacht iedereen met een Ferrari-hart naar. Sterker nog: iedere Formule 1-fan voelt dat ook ergens in zijn onderbewuste: af en toe hoort het gewoon zo: Ferrari wereldkampioen.

Foto: Motorsport Images
“Mattia Binotto is veel te aardig voor deze bende ratten”Weet je wat het is, die Mattia Binotto, die is veel te aardig. Veel te sympathiek die man – ik zie het elke keer weer. Als hij zo’n nietszeggend interviewtje heeft gegeven op de grid, dan steekt hij na afloop altijd nog even beleefd zijn hand op om gedag te zeggen. Aandoenlijk, ontroerend zelfs. Maar tegelijk weet je: die man is veel te aardig voor deze bende ratten. Kijk naar Mercedes. Daar regeert Toto Wolff met ijzeren vuist. Daar komt ijskoud die boordradio: of Bottas maar even wat langzamer wil gaan rijden, zodat Lewis comfortabel kan invoegen. Zo hoort het. Als je wereldkampioen wilt worden kent iedereen zijn plaats. Pas als de buit echt binnen is, is het tijd voor cadeautjes. Ik weet het, normaal gesproken en redelijk geredeneerd is het onmogelijk. Maar Lewis kan volgende week ook zomaar een been breken op een van zijn modeshows, en dan? Wat zou het dan toch stom zijn als Leclerc in Abu Dhabi zeven punten te kort komt.